Eén kilo per jaar te veel
“Met zout minderen is niet simpel”
We eten gemiddeld per dag acht à negen gram zout. Dat is zowat drie kilo per jaar. Aangeraden wordt het bij maximum zes gram per dag te houden. Dat is twee kilo per jaar. 1 pak minder dus. Zelf minderen is echter niet zo eenvoudig want het meeste zout strooien we niet zelf, maar zit verborgen in brood, vlees en charcuterie, kruiden en specerijen, soepen en kaas. Dat moet minder, vindt zowel de politiek als de voedingsindustrie. Maar dat zout er uithalen is niet zo eenvoudig, zo blijkt. De consument houdt nu eenmaal niet van ‘flauw’.
We krijgen te veel verborgen zout binnen bij onze maaltijden en strooien er vaak zelf nog eens een pak bovenop. En dan hebben we het niet eens over de zoute hapjes die we in onze knabbelcultuur tussendoor vlot naar binnenwerken. Chips, een paar olijven, een zoute cracker… Erg ongezond allemaal, weet ook klinisch voedingscoördinator van het UZ Gasthuisberg Astrid Wijenbergh: “Te veel zout, en meer bepaald het natrium erin, kan een hoge bloeddruk veroorzaken. Dat is dan weer een risicofactor voor hart- en vaatziekten. Bovendien is er een heel sterk vermoeden dat te veel zout invloed heeft op het ontstaan van maagkanker.”
Noodzakelijk?
De voedingssector toont zich bereid met zout te minderen, maar wijst erop dat dit allesbehalve makkelijk is. Er is immers niet alleen de smaak. Bij de productie van voedingsmiddelen zoals kaas, charcuterie, kant- en klaargerechten, speelt ook de voedselveiligheid mee, stelt Chris Moris van Fevia, de Federatie voor de Voedingsindustrie. “Als er zout in een product zit, is er minder water beschikbaar voor de ontwikkeling van micro-organismen, en kan je dus de houdbaarheid verlengen. En ook in het productieproces is zout vaak een must. Bruno Kuylen van de Vlaamse Bakkersfederatie: “We hebben het nodig om het brood te laten rijzen en voor de korstvorming. Het helemaal weren, is onmogelijk. We raden onze bakkers wel aan om zoveel mogelijk voor gezonder jodiumzout te kiezen.”
Niet zomaar verlagen
Je kan ook niet zomaar plots een pak minder zout in voedingsmiddelen stoppen. De consumenten vindt het dan gauw te flauw en gaan dan zelf bijstrooien of buitenlandse producten kopen die smakelijker zijn omdat ze met meer zout worden geprepareerd. “Consumenten moeten tijd krijgen om eraan te wennen dat er minder zout inzit en moet daar over geïnformeerd worden,” zegt Guido Bresseleers van Ter Beke, bekend van charcuterie en de Come a Casa kant-en-klaargerechten. Dat succesvol minderen met zout kan, bewijst Come a Casa: “Wij zitten vandaag aan minder dan 1 procent zout en bouwen verder af. Ofwel voegen we bijna geen zout rechtstreeks toe, ofwel kiezen we voor meer specerijen of eventueel zoutvervangende stoffen. Dat is wel makkelijker bij pakweg een lasagne met veel groenten erin. Minder zout in bijvoorbeeld vleeswaren is al heel wat minder simpel.” (DC)
Vervangen door kalium?
Volgens de Nederlande Levensmiddelenindustrie kan kalium een zoutvervanger zijn, maar zowel Fevia als voedingsdeskundigen wijzen erop dat het belangrijk is om de natrium-kalium-balans in ons lichaam in evenwicht te houden. Te veel kalium kan bovendien problemen veroorzaken bij mensen met nierfunctiestoornissen. “Het lijkt me dus aangewezen om de hoeveelheid natrium te verminderen, zonder het kalium te verhogen”, aldus Astrid Wijenbergh. “Thuis kan je dat bijvoorbeeld doen door kruiden als peper, paprikapoeder, tijm, nootmuskaat… te gebruiken.” Overigens heeft kalium volgens Fevia bij gebruik in grote hoeveelheden ook een metaalachtige nasmaak.
Beterschap op komst?
Consumentenorganisatie Testaankoop publiceerde drie jaar geleden een groot onderzoek over verborgen zouten in de voeding. Het analyseerde hoeveel zout en natrium courant gebruikte voedingsmiddelen gemiddeld bevatten per 100 gram. Wat de situatie drie jaar later is, is niet helemaal duidelijk. Vooral niet omdat nog steeds veel producenten weigeren het natrium of zoutgehalte op hun verpakking te zetten.
Test Aankoop trekt de grens voor een matig natriumgehalte (Na) op 0,5 gram per 10à gram. Brood en bakkerijproducten bleken er ver boven te zitten (0,67 g Na, 1,66 g zout),net als fijne vleeswaren (1,10 g Na, 2,74 g zout), ontbijtgranen (0,73 g Na, 1,82 g zout), kaas (0,65 g, 1,63 g zout), aperitiefhapjes als chips en olijven (0,93 g Na, 2,33 g zout) en visconserven (0,96 g Na, 2,39 g zout). Ook bereide gerechten, pizza en fastfood werden onderzocht en bleken 25 tot zelfs 100 % van de dagelijks aanbevolen zoutaanvoer te bevatten.
Etikettering laat te wensen over
Hoe het intussen is gesteld met het zoutgehalte, blijkt moeilijk te controleren vor de consument zonder laboratoriumonderzoek. Want sommige producenten vermelden nog altijd geen zout- en natriumgehaltes op hun etiketten. Op de verpakkingen van Resto-lasagne, smeerkazen van La vache qui rit en Maredsous, crackers van Haust, Amora-mosterd staan geen gegevens. Bij ontbijtgranen vormt de etikettering geen probleem. Zo kunnen we perfect nagaan dat Carrefour Stylesse met 0,7 gramper 100 gram nog altijd te veel natrium bevat, terwijl we bij Special K van Kellogg’s een daling merken van 0,86 g naar 0,45 g. Testaankoop zelf plant geen nieuw groot onderzoek, maar houdt de zout- en natriumgehaltes wel in het oog bij haar tests. “Zo zullen we de komende maanden kant-en-klaargerechten en ontbijtgranen apart onder de loep nemen. Volgend jaar volgt opnieuw een analyse van brood”, aldus Sigrid Lauryssen van de consumentenorganisatie.
Veel verbrorgen zout
Tien procent van wat we aan zout binnenspelen zit van nature in producten. Zelf zijn we verantwoordelijk voor 15 procent door het op ons eten te strooien. De rest wordt er door pvoedingsproducenten ingestopt. De voornaamste bronnen van zout zijn volgens Test Aankoop:
- brood en bakkerijproducten: 25 à 30 %
- charcuterie: 11 à 13 %
- kaas: 9 à 11 %
- soepen: 8 à 10 %
- bereide gerechten en conserven: 5 à 8 %
Commentaar op of vragen over dit artikel? Gebruik het Samen Slimmer Shoppen Forum. Andere lezers hebben misschien een gelijkaardige opinie, een tegengestelde idee of een oplossing voor je probleem.

